Dat het
klimaatprobleem al direct zo politiek gekleurd was, kwam door de specifieke
tijdgeest. In de westerse landen was in de jaren ‘70 en ‘80 een zeer
belangrijke ontwikkeling in gang gezet, lang voordat "het klimaat" zoveel
aandacht kreeg. In deze tijd ontstond het zogenaamde "milieuactivisme", dat
snel een brede aanhang kreeg en min of meer door de politieke richtingen heen
liep. Toen het klimaatprobleem een onderwerp van discussie werd (eind
jaren’80), werd het principe van AGW onmiddellijk vrij algemeen aanvaard. "De
mens verpest met zijn egoïsme niet alleen het milieu, maar de hele planeet",
werd het populaire idee.
Oorspronkelijk waren
deze bewegingen gebaseerd op een serieuze zorg voor het milieu en het klimaat,
maar in de loop der tijd begonnen ze een eigen leven te leiden, los van de
realiteit. Op den duur ontwikkelde het milieuactivisme zich tot een
levensbeschouwing die men in het Engels "environmentalism" noemt, een beweging
die de belangen van het milieu ("environment") in principe hoger stelt dan de
belangen van de mens en die in feite de mens zelf als milieuvijandig beschouwt.
Het merkwaardige is
natuurlijk dat diezelfde mens onverminderd doorgaat met het op grote schaal
verbruiken van grondstoffen en energie. De steun aan de milieubeweging werd
door sommigen dan ook gezien als een soort moderne vorm van "aflaat (Noot 4).
Opmerkelijk is ook dat Nederland voorop loopt in de steun aan de
milieubeweging, per hoofd van de bevolking.
Het
"environmentalism" spitste zich steeds meer toe op een geloof in de door de
mens veroorzaakte opwarming van de wereld (AGW). Dit werd later het
"broeikasgeloof" genoemd. De meer
gedreven broeikasgelovigen werden echte alarmisten, die graag vreselijk onheil
voorspelden. Dit sluit nauw aan bij een herkenbare behoefte aan doemdenken en
aan een daarmee samenhangend collectief schuldgevoel bij de moderne westerse mens.
Al snel werd
duidelijk dat in de publieke discussie de wetenschappelijke feiten er al lang
niet meer toe deden. Het werd steeds gewoner om te overdrijven, om gegevens en
statistieken te manipuleren en zelfs om de waarheid geweld aan te doen. Dit
werd goedgepraat met het argument dat het noodzakelijk was voor de "goede zaak".
Nieuwe
onderzoeksresultaten die de AGW-theorie niet bevestigden waren voor de
alarmisten niet meer relevant. AGW werd tot dogma verheven. En waar het geloof
begint, houdt de rede op. Op deze manier heeft het broeikasgeloof een brede
aanhang gekregen, niet alleen in Nederland, maar vooral ook in de
Angelsaksische landen en daarnaast in Scandinavië en in Duitsland. Parallellen
met de schuldcultuur van protestantse godsdiensten zijn hier wellicht geen
toeval. .
Zoals hierboven al is
opgemerkt kozen de meeste politieke partijen voor een politiek gebaseerd op het
broeikasgeloof. Dit werd "politiek correct" gevonden en het paste in de
consensuscultuur. Nog opmerkelijker is dat ook de media hierin op grote schaal
meegingen. In Nederland laten het NOS-Journaal, de zogenaamde
"kwaliteitskranten" en de omroepverenigingen nog steeds zelden een kritisch geluid horen als het gaat
om het broeikasgeloof. Sterker nog, critici die af en toe van zich laten horen
(die al gauw "klimaatsceptici" werden genoemd) worden door deze media
nauwelijks serieus genomen. Zelfs de meest gerenommeerde wetenschappers onder
hen worden met wantrouwen bejegend. Hun integriteit wordt in twijfel getrokken
en aanvallen worden gericht tegen de personen en niet tegen hun argumenten. Het
is verder steeds gebruikelijker geworden dat de media berichtgeving over
mogelijk komend onheil aandikken en overdrijven. We zien dit gebeuren op alle
gebieden, met name bij milieu en klimaat, maar ook bij de economie.
Het meest beroemde of
eigenlijk beruchte voorbeeld van klimaatalarmisme is de film (of dia-serie) van
Al Gore, "An Inconvenient Truth" [Gore, 2006]. Objectief gezien zou je deze
film tot het genre van de "science fiction" kunnen rekenen, die, zoals andere
science fiction films, voor 1% is gebaseerd op science en voor 99% op fiction.
Maar de film werd niet gepresenteerd als science fiction. Hij moest de indruk
wekken dat Gore de mensheid wilde waarschuwen voor serieuze gevaren, ja zelfs
voor grote rampen, die ons zouden overkomen als wij onze levens niet zouden
beteren. Nader bekeken blijkt deze film echter nauwelijks enige
wetenschappelijke basis te hebben. En daarbij wordt de dreiging van
klimaatverandering tot in het absurde overdreven. De film is door het grote
budget en het hoge technische niveau een meesterlijk voorbeeld van misleidende
propaganda. De film werd dan ook een groot commercieel succes (Noot 5) .
In dit verband lijkt
het toch heel bedenkelijk dat leerlingen van veel scholen aangemoedigd werden om de film van Al Gore te gaan zien.
Inmiddels is het in Engeland bij gerechtelijke uitspraak verboden de film aan
scholieren te vertonen zonder daarbij de negen meest grove onjuistheden van de
film te vermelden [Peck, 2007]. Sindsdien zijn er veel meer dan negen
onjuistheden in de film geconstateerd [Monckton 2007-2], [Kininmonth, 2007].
Overigens hebben ook veel serieuze AGW-aanhangers de film van Gore verworpen
omdat deze ook in hun ogen een overtrokken beeld geeft.
Er is een film
gemaakt als tegenzet: "The Great Global Warming Swindle" [Durkin, 2007]. In
deze film komt een aantal hooggekwalificeerde wetenschappers aan het woord, die
in rustige, evenwichtige bewoordingen
vertellen over wat zij weten van het klimaat. Deze film is in Nederland door de
KRO vertoond. Dit heeft echter geleid tot grote verontwaardiging en heftige
reacties bij een aantal "politiek correcte" kranten. De inhoud van de film werd echter in die kranten grotendeels doodgezwegen.
Geleidelijk werden de
uitingen van broeikasgelovigen onverdraagzamer en fanatieker. Men schrok er
niet voor terug serieuze kritische wetenschappers af te schilderen als
misdadigers. Verschillende wetenschappers die meewerkten aan de film van Durkin
werden bedreigd. Zowel in Engeland als in Australië gingen er stemmen op om
klimaatsceptici het recht van publicatie te ontzeggen. Sommigen gingen nog
verder en eisten dat klimaatsceptici strafrechtelijk zouden worden vervolgd.
Ontkenners van global warming werden gelijkgesteld aan ontkenners van de
holocaust, dus diegenen die de massamoorden in de Duitse concentratiekampen
ontkennen. Dergelijke voorbeelden geven aan dat het broeikasgeloof tot vreemde
excessen kan leiden. Zelfs dat sommige mensen bereid zijn de vrijheid van
meningsuiting hiervoor in de waagschaal te stellen. Dergelijke deformaties
kenden we tot nu toe alleen in totalitaire staten.
Nieuwe reactie inzenden